Maandagmorgen 25 maart 2019,

Over een boeiende ochtend in lunchrestaurant FADI’S onder het genot van een cappuccino met een heerlijk stukje Baklava, in gesprek met Martin, de bevlogen wijkagent van het Noordereiland.

We ontmoeten elkaar in het gezellige FADI’S op de Van der Takstraat op het Noordereiland in  Rotterdam, waar het denkbeeldige kantoor van privé-detective Marit Johansen uit de inmiddels 7-delige Bureau MaRiT-reeks is gevestigd. Martin, de wijkagent van het Noordereiland met wie ik een afspraak heb, is nog in gesprek met twee dames van humanitas. Ik bestel een cappuccino bij de goedlachse Fadi, die er met haar heerlijke gerechten een trouwe klantenkring op nahoudt.

Als we aan een tafeltje bij de bar aanschuiven overhandig ik Martin een boek, dat hij aanneemt na mijn verzekering dat de winkelwaarde niet boven de €25 uitkomt.

Martin waakt over het wel en wee van de bewoners van deze opmerkelijk plek in onze mooie havenstad. Hij is gestationeerd op bureau Maashaven, een kantoor dat 2 politieauto’s bezit en heel Feyenoord bestrijkt(ongeveer 74.000 mensen), een gebied bestaande uit 8 wijken, waaronder het Noordereiland, Bloemhof, de Afrikaanderwijk, Vreewijk en Katendrecht, niet per se de beste buurten van Rotterdam. In een vorig kabinet had Mark Rutte het over zelfredzaamheid, zo vertelt hij. Een mooi woord waarmee sommige burgers ongetwijfeld prima uit de voeten kunnen, maar het onderling aanspreken op elkaars gedrag is niet voor iedereen weggelegd en leidt niet zelden tot consternatie.

Martin die bijna 35 jaar bij de politie werkt, met tussendoor een uitstapje naar Sociale Zaken, kent inmiddels de kneepjes van het vak en weet hoe hij zijn eilanders aanpakt. Het motto Waakzaam en Dienstbaar wordt door hem met volharding en geduld toegepast op de mengeling van culturen die er wonen en werken. Hij wil geen symptoombestrijder zijn en is geen man van tijdelijke oplossingen, maar een probleemoplosser die het probleem voor eens en voor altijd de wereld uit wil helpen. Daarvoor werkt hij nauw samen met welzijnsorganisaties, zoals humanitas, netwerken waar hij dankbaar gebruik van maakt om mensen aan een betere toekomst te helpen en tegelijkertijd de criminaliteit terug te dringen. Het is een lang proces dat geduld en toewijding vergt en niet altijd direct zichtbaar is, maar achter de schermen wordt het Noordereiland er weer een stukje veiliger door. Want criminaliteit is overal aanwezig, ook op het zo idyllisch ogende Noordereiland.

Martin legt uit dat het eiland wordt bewoond door twee verschillende groepen mensen, bestaand uit een buitenring waar de meer gefortuneerde bewoners zich op een toplocatie met uitzicht op de Maas ophouden, en een binnengebied, dat veelal door sociale woningbouw wordt gekenmerkt. Beide groepen hebben verschillende belangen, waarbij de wijkagent het aanspreekpunt is.

Vooral de bewoners in het buitengebied klagen over de zogenaamde kadetoeristen, hoewel de minder flatteuze benaming kadekapers het beter doet in de volksmond, die het parkeerterrein op de kade als uitvalsbasis gebruiken voor handelingen die het daglicht niet altijd kunnen verdragen. Het gaat van al te amoureuze stelletjes, het vermeend dealen van allerhande waar, tot aan gamende en luidruchtige jongeren, met een hoop afval en overlast tot gevolg. Wat veel mensen niet weten, en waarmee ik waarschijnlijk mijn eigen glazen ingooi, is de gratis parkeergelegenheid op het Noordereiland. Dit trekt diverse pluimage met twijfelachtige bedoelingen aan.

Hoe pak je dat als enkele wijkagent met beperkte middelen aan?

In plaats van de constante waarschuwingen aan het adres van de jongeren die tegen dovemans oren gericht lijken te zijn, denkt hij aan structurele oplossingen waaraan ook de Gemeente haar steentje zal moeten bijdragen. Hoewel ook hier tegenstrijdige belangen om de hoek komen kijken.

Gelukkig zijn er ook andere verhalen, waaruit de wijkagent zijn energie put in zijn queeste naar een veiliger Noordereiland.

Zo sloot onlangs een nogal twijfelachtig bedrijf haar deuren om plaats te maken voor een gezellig eetcafé waarvan de eigenaar al direct met enige trots zijn paspoort aan de agent toont: ‘Kijk, nu ben ik helemaal geïntegreerd, en ik ga trouwen…’ Tussen de middag maakt hij een praatje met de vrouwen die met hun kinderen op het pleintje zitten en vertelt hij over de Nederlandse politie die heel wat humaner blijkt te zijn dan de politie in hun eigen land. Ook vertelt hij over een probleemgezin, een alleenstaande moeder van wie haar kinderen verantwoordelijk zijn voor een groot aantal fietsdiefstallen. Door regelmatig contact met hen te onderhouden weet hij wat er speelt en benut hij zijn netwerkcontacten om het gezin er weer bovenop te krijgen. Inmiddels zijn de diefstallen flink afgenomen en als er een kleine terugslag volgt doet een praatje met hen wonderen. De fiets en het fietssleuteltje worden weer netjes teruggebracht. Een oudere man die voor nogal wat overlast zorgde op het eiland, heeft dankzij alle support zijn leven inmiddels weer op de rails en stuurde de wijkagent laatst nog een kerstkaart.

‘Je hebt grote boeven, dan gaat het om het grote geld, maar het zijn de kleine criminelen die voor de meeste overlast zorgen. Vaak is dit sociaaleconomisch gerelateerd, er is geen werk, geen geld, ze spreken (en schrijven) slecht Nederlands, waardoor de toevlucht in de criminaliteit erg verleidelijk is. Maar boetes geven helpt deze mensen niet en verergert veelal het probleem, ze hebben behoefte aan hulp zodat ze uiteindelijk kunnen meedraaien in de samenleving. De wijkagent gelooft hier heilig in, ook al zijn er criminelen die niet willen veranderen, die hou je altijd, het is geen utopie.

De agent kent zijn pappenheimers. Als we aan tafel zitten trekt een donker gekleurde man met een herdershond zijn aandacht, volledig in het zwart gekleed met hoodie en capuchon. Maar het is niet de persoon, maar het blikje bier dat hij in zijn handen heeft waar het om gaat. Hierover spreek ik hem nog wel, merkt Martin op, die de meest in het oog springende types wel weet vinden.

‘Geen enkele agent is onbeschadigd,’ aldus de wijkagent, ‘maar agenten houden van hun werk.’ Ze zijn de drijvende kracht achter de schermen van een veiliger maatschappij. Een goede back-up is daarbij van essentieel belang zoals de partner, het gezin en de collega’s, aan wie ze hun verhaal kwijt kunnen. 

Mooi is het verhaal van zijn werk bij Sociale Zaken, toen de Regionale Recherche Dienst hem om hulp vroeg. Het ging om een Oost-Europese uitkeringstrekker, die afgekeurd was vanwege rugklachten die hij had opgelopen tijdens een valpartij op zijn werk en waarvoor hij een doktersverklaring had. De man was vier jaar geleden al eens opgepakt wegens samenlevingsfraude, maar het bleek veel gedoe om het helemaal uit te pluizen. Naar eigen zeggen had de man wat neveninkomsten omdat hij aan huis tickets verkocht voor busreisjes naar Sarajevo. Het verhaal bleek toch genuanceerder te liggen toen Martin in het stapels dikke dossier dook en de man actief in de gaten ging houden. Deze uitkeringstrekker bleek al jarenlang in het bezit te zijn van een goed geoliede busonderneming tussen Sarajevo en Rotterdam, waarvan ook hooggeplaatste ambtenaren dankbaar gebruik maakten en waarvan hij zelf de chauffeur was. De man had blijkbaar weinig last van zijn rug tijdens de vele uren die hij achter het stuur van zijn bus sleet en bleek bij nadere controle ook geen rijbewijs te bezitten. Door al die illegale activiteiten was de uitkeringstrekker inmiddels een rijk man en bezat hij meerdere huizen in zijn eigen land. Toen na een half jaar gedegen onderzoek de man ook daadwerkelijk kon worden aangehouden en uiteindelijk bekende, kon hij tot opluchting van de justitie worden veroordeeld, want een zwijgende verdachte wordt zelden veroordeeld. Martin kreeg voor zijn prestatie van zijn collega’s een blijvend aandenken, namelijk een mok met daarop de naam van de verdachte. Zo’n succesvol fraudeonderzoek had nog niet eerder in Rotterdam plaatsgevonden en wordt tot op de dag van vandaag nog weleens aangehaald. We hopen dat dit goede voorbeeld doet volgen..

Over een volhardende wijkagent en sociaal bewogen mens, het was een bijzonder interview.